Isolatie en ventilatie

Hoe goed moet mijn woning geisoleerd zijn om mee te kunnen doen aan het zonnewarmtenet?

Het streven is om alle woningen in de wijk zonnewarmtenet-ready te maken. Dat betekent dat je woning zodanig is aangepast, dat het in de koude weken van het jaar aangenaam kan worden verwarmd met 55°C radiator-warmte (in plaats van de standaard 80° of hoger). 55°C is een temperatuur die kan worden opgewekt door een warmtepomp zonder dat er te veel elektriciteit gebruikt hoeft te worden. Je kunt je woning zonnewarmtenet-ready maken middels drie ingrepen:

1) Isolatie tot schillabel C, in de meeste woningen is dat mogelijk met een goede uitvoering van ‘standaard’ maatregelen zoals:

  • Kieren en naden dichten;
  • Gevelisolatie zoals spouwmuur isolatie;
  • Dakisolatie en / of vloerisolatie;
  • Isolerend glas aanbrengen, zoals HR++ glas;

2) Warmte-terug-win (wtw) ventilatie;

3) Verhoogde radiator-afgifte capaciteit, bijvoorbeeld door een gewone radiator te vervangen door een convector-radiator.

Vaak zijn niet alle genoemde maatregelen nodig om toch 55°-warmtepomp-ready te worden. Het verschilt per woning. Pas als je woning zonnewarmtenet-ready is, heeft de aanschaf van een warmtepomp zin. Anders gaat de warmtepomp je simpelweg heel veel elektriciteit kosten.

Als een dergelijk maatregelenpakket (dus bovengenoemde isolatie, eventueel aangevuld met wtw-ventilatie en extra radiator-afgifte capaciteit) is toegepast, is de woning niet ‘nul-op-de-meter’, maar wel zonnewarmtenet-ready. Meestal bespaart dat al twee derde van je normale gasverbruik.

Hoe kom je erachter wat er nodig is voor jouw woning?

Vul het Huisdossier in. SpaarGas kan op basis van het Huisdossier een voorlopig advies maken. Daarbij houden we rekening met de verschillen tussen de woningen.

Meer weten?

In onderstaande paragrafen staat uitgebreide informatie over isolatie en ventilatie. Mocht je na het lezen daarvan nog vragen hebben of heb je behoefte om met een Energiecoach of wijkgenoten te sparen over jouw isolatie-vraag? Neem dan graag een kijkje bij de kennisgroepen. Dikke kans dat er buurtgenoten zijn met vergelijkbare woningen en dito vragen!

Klik op bij onderstaande deelonderwerpen op  de + voor meer informatie.

Bodemisolatie is een prima maatregel voor de ondiepe kruipruimtes. De isolatie zorgt voor meer comfort in de woning, bespaart energie  en leidt tot een minder vochtige kruipruimte. Bij bodemisolatie wordt een laag losliggend isolerend materiaal in de kruipruimte geblazen. Voor kruipruimtes die regelmatig onder water staan is het zeker een aanrader.

Wat is een kruipruimte?

Een kruipruimte is een lage ruimte onder de vloer van de begane grond. De kruipruimte kan je bereiken door een kruipluik in de vloer. Dit luik bevindt zich meestal onder de deurmat achter de voordeur. De kruipruimte is onder andere bedoeld om leidingen weg te werken, zoals de riolering of gasleidingen.

Voor wie is bodemisolatie interessant?

Bodemisolatie is interessant als de kruipruimte vaak nat of een beperkte hoogte heeft, bijvoorbeeld als deze lager is dan 45 cm. De ventilatie van de kruipruimte die boven de isolatie langs gaat, dient sterk verminderd te worden. Aanvullende isolatie van de funderingswand verhoogt de isolatiewaarde.

Is bodemisolatie een goed optie?

Overweeg je bodemisolatie, dan is een technische opname van de kruipruimte door een bedrijf of adviseur de volgende stap. Er wordt gekeken naar aanwezig puin, staat van het leidingwerk, aantal compartimenten, hout- en betonrot, vochtigheid en meer. Sommige woningen hebben mogelijk geen toegang naar de kruipruimte (een mangat). Op basis van de bevindingen en de afmetingen van de kruipruimte wordt de best passende oplossing aangeboden.

Welke materialen?

Voor bodemisolatie wordt meestal gewerkt met polystyreen (piepschuim) chips of parels. Polystyreen kan in natte ruimtes worden toegepast. Ook al staat er water in de kruipruimte, chips en parels drijven en behouden daarbij hun isolerende werking. De parels hebben een koolstof laagje voor hoger rendement.

In kruipruimtes kan ook een schelpenbed worden aangebracht, dit isoleert echter minder.

Hoe wordt deze manier van isoleren uitgevoerd?

Het puin moet uit de kruipruimte worden verwijderd en het uitvoerende bedrijf maakt indien nodig toegangen (mangaten) om afgesloten delen te kunnen bereiken. Ook worden de ventilatieopeningen gecontroleerd en gedeeltelijk afgesloten. Vervolgens wordt isolatiemateriaal via een inblaasslang gelijkmatig over het bodemoppervlak aangebracht. Vanuit de verste uithoeken wordt geleidelijk naar het kruipluik toegewerkt. Tenslotte wordt netjes opgeruimd, binnen enkele uren is het werk gereed.

Het isoleren van de begane grond vloer is vaak eenvoudig te realiseren en kan veel comfort opleveren. De temperatuur in de woonkamer is na isolatie van de vloer gelijkmatiger verdeeld en er komt vanuit de kruipruimte nauwelijks nog vocht uw huis binnen. En je bespaart energie door het isoleren van de vloer. De kruipruimte moet minimaal 50 cm hoog zijn om het werk te kunnen uitvoeren. Laat je de vloer isoleren? Denk er dan aan om meteen de cv-leidingen te isoleren. Dat levert extra energiebesparing op.

Welke soorten vloerisolatie zijn er?

Er zijn verschillende manieren om de vloer van onderaf te isoleren. Hou een isolatiewaarde aan van Rc=3,5 tot 5 m2K/W. Hoe hoger de isolatiewaarde, hoe meer energie wordt bespaard.

Isoleren met reflecterende folies: Deze folies reflecteren de warmte vanuit de woning. Hierdoor koelt de vloer niet af en blijft het warmer in de woning. De meeste isolerende folies hebben met lucht gevulde kamers die voor extra isolatie zorgen. Sommige bestaan uit een combinatie van aluminium en plastic. Om de vochtigheid in de kruipruimte te verbeteren wordt ook een dampdichte PE-folie op de bodem aangebracht.

Isoleren met platen of dekens: Hierbij wordt isolatie van minerale wol of piepschuim van onderaf tegen de vloer of tussen een houten balklaag aangebracht. Het is belangrijk de isolatie naadloos aan te laten sluiten. Ook hierbij wordt een bodemfolie aangeraden.

Isoleren met isolatieschuim: PUR-schuim of glaswolvlokken worden van onderaf tegen de vloer gespoten. Deze techniek is vooral geschikt voor betonnen of steenachtige vloeren. Het volledig opsluiten van de natuurlijke houten balken is niet wenselijk. Het is aan te raden om een dikte van minimaal 10 cm isolatie toe te passen.

Hoe wordt deze manier van isoleren uitgevoerd?

Voordat het isolatiebedrijf aan de slag kan, moet de kruipruimte vrij zijn van puin en opslag. Ook moeten alle compartimenten van de kruipruimte bereikbaar zijn. Zo nodig wordt hiervoor een mangat onder een betonnen fundering gegraven of een gat in een gemetselde fundering gehakt. Voor aanvang van het isolatiewerk wordt meestal een folie op de bodem van de kruipruimte gelegd. Ook het kruipluik krijgt een laag isolatie en het wordt indien mogelijk voorzien van tochtstrips. Het is belangrijk dat alle naden en kieren goed gedicht worden anders werkt de vloerisolatie minder goed. Tenslotte wordt alles netjes opgeruimd.

1. Spouwmuurisolatie

Huizen met geïsoleerde gevels hebben lagere energielasten en een hoger comfortniveau doordat de muren minder koude afstralen. Bovendien vermindert het risico op condens en schimmelvorming op de muren aan de binnenzijde. Huizen met een bouwjaar tussen 1930 en 1975 hebben vaak ongeïsoleerde spouwmuren. Een spouwmuur bestaat uit een binnen- en een buitenmuur met daartussen een smalle luchtruimte van gemiddeld vier tot zeven centimeter lucht. Deze spouw kan gevuld worden met isolatiemateriaal. Dit is een eenvoudige maatregel met een goede kosten / baten verhouding.

Hoe wordt een spouwmuur geïsoleerd?

Voor het isoleren van de spouwmuur boort het uitvoerende bedrijf in een regelmatig patroon gaten in de voegen van de gevel. De boorgaten worden na het inspuiten van het isolatiemateriaal weer netjes gedicht. Het isolatiebedrijf zorgt dat ventilatie van kruipruimtes of andere ruimtes geborgd blijft. Om te voorkomen dat het isolatiemateriaal eventueel in de spouw van een aangrenzende woning verdwijnt, brengt het bedrijf spouw-scheiders aan. Als uw buren gelijktijdig dezelfde isolatie laten aanbrengen, zijn spouw-scheiders niet nodig.

Welke materialen?

Isolatiekorrels / parels

Isolatie parels zijn lichte kunststof bolletjes die in de spouwmuur worden geblazen. Bij het inblazen worden de korrels voorzien van een lijmlaag. Hierdoor vormen de isolatiekorrels een stabiele isolatielaag die niet weg kan zakken. Er zijn verschillende soorten kwaliteiten (witte en zwarte bolletjes). Het zijn de zwarte bolletjes die thermisch gezien het beste isoleren.

Glaswolvlokken

Glaswol bestaat uit gerecycleerd glas. Voor spouwmuurisolatie gebruikt men glaswolvlokken die ingeblazen worden in de muur. Glaswol werkt niet alleen als thermische, maar ook als akoestische isolatie.

PUR-schuim

Polyurethaan schuim, ook wel gespoten PUR genoemd omdat het als vloeistof in de spouw wordt gespoten. Na inspuiting gaat het zeer snel expanderen en ontstaat er een isolerend schuim dat alle naden en kieren in de spouw goed afdicht.

Voor wie is spouwmuurisolatie interessant?

Spouwmuurisolatie is interessant voor een woning met een bouwjaar tussen ca. 1920 en 1976. In deze periode werden spouwmuren nog niet standaard geïsoleerd bij de bouw. Tussen 1970 en 1976 kregen nieuwe woningen soms wel een geringe spouwmuurisolatie. Deze kan soms worden nagevuld. Woningen van vóór 1920 hebben doorgaans geen spouwmuur.

2. Buiten- of binnenmuurisolatie

Buitenmuurisolatie

Het isoleren van de buitenmuur is veel ingrijpender dan het isoleren van de spouwmuur. Het is de duurste vorm van isoleren maar ook wel het meest efficiënt.

Buitenmuurisolatie is geschikt wanneer de gevel in slechte staat is, en wanneer spouwmuurisolatie niet kan worden toegepast. Wie de buitengevel dan wenst te vervangen kan ervoor kiezen om ineens ook de buitenmuur te isoleren.

Ook bij nieuwbouwwoningen kan buitengevelisolatie worden toegepast. Aangezien het de meest efficiënte methode van muurisolatie is, kan het helpen om tot een betere energieprestatie (EPC)  te komen.

Voordelen van buitenmuurisolatie

  • Bij gevelisolatie wordt je woning voorzien van een nieuwe buitengevel. Hierdoor kan je het uitzicht van de gevel ook veranderen als je dat wenst. Vaak wordt de isolatie tegen een bestaande gevel geplaatst en wordt daarvoor een nieuwe buitenmuur neergezet.
  • De binnenruimte blijft zoals ze was: je verliest binnenshuis geen ruimte.
  • Naast het veranderen van het uitzicht, zorgt een nieuwe gevel met de juiste behandelingen en de nodige isolatie voor een extra bescherming tegen vorstschade, en minimaliseer je de kans op vochtproblemen. Dat komt mede omdat de isolatielagen perfect kunnen aansluiten en doorlopen.
  • De dikte van de isolatielaag is niet beperkt tot de breedte van de spouw. De isolatielaag kan dus veel dikker zijn. Hierdoor kan met deze isolatiemethode het meest bespaard worden op het energieverbruik.
  • Warmteopslag in de binnenmuren blijft behouden.

Nadelen van buitenmuurisolatie

  • Alhoewel er geen breekwerk aan te pas hoeft te komen, dien je wel rekening te houden met de kosten van een nieuwe gevelpleister of een nieuwe gevelbekleding.
  • De gevel wordt dikker en dat zal ook invloed hebben op de ramen en deuren die reeds geplaatst zijn. Hierdoor kan er een nieuw risico ontstaan op mogelijke koudebruggen.
  • Omwille van de grote aanpassingen en de plaatsing van de nieuwe gevel, is dit de meest dure methode van muurisolatie.
  • Je dient rekening te houden met stedenbouwkundige beperkingen. Aangezien de buitenmuur deel uitmaakt van het straatzicht zal je hiervoor een vergunning nodig hebben.
  • Deze methode van muurisolatie vergt veel planning en organisatie vooraf. De uitvoering van de werken zal ook langer duren dan bijvoorbeeld spouwmuurisolatie.

3. Binnenmuurisolatie

Wanneer noch spouwmuurisolatie, noch buitenmuurisolatie een uitkomst biedt, wordt vaak de optie bekeken om de binnenmuur te isoleren. Vaak gaat het dan ook om een laatste optie om alsnog de gevel te isoleren om op die manier energie te besparen.

Voordelen binnenmuurisolatie

  • Er hoeftgeen rekening gehouden te worden met stedenbouwkundige vergunningen: je past niets op het straatbeeld aan en het bouwvolume blijft ongewijzigd.
  • Je isoleert je woning en de ruimtes worden sneller opgewarmd.
  • Het isoleren kan stap voor stap, en ruimte per ruimte gebeuren. Werken in fases is dus mogelijk.

Nadelen binnenmuurisolatie

  • Binnenmuurisolatie zal niet alle koudebruggen kunnen wegwerken omdat de muurisolatie niet steeds kan aansluiten op vloerisolatie of dakisolatie. Wanneer luchtcirculatie optreedt, dan bestaat er ook een risico op condensatie en schimmelvorming.
  • Warmteopslag in de binnenmuren zal verminderen en afkoelen in de zomer vertraagtn.
  • Je verliest ruimte binnenshuis omdat je isolatie tegen de binnenmuur plaatst, en er vervolgens een voorzetwand wordt geplaatst die je nadien opnieuw moet afwerken (behangen, verven, …).
  • Omwille van de bijkomende afwerking kan deze methode van isoleren alsnog redelijk duur uitvallen in vergelijking met andere isolatiemethodes en de mogelijke energiebesparing die daar tegenover staat.
  • Het gaat om een relatief ingrijpende renovatie. Je dient bijvoorbeeld rekening te houden met de radiator die eventueel verplaatst moet worden. Daarnaast kan dit type isolatie ook enige overlast met zich meebrengen en tijdelijk het comfort in huis verminderen.

Glasisolatie

Goed isolerende beglazing, HR++ of Triple, geeft een beter wooncomfort. Je voelt minder koude van het raam afstralen en koudeval in de vorm van tocht over de vloer neemt af. Na vervanging van enkel glas door isolatieglas ontstaat geen condens meer aan de binnenzijde van het glas als het buiten koud is. 

Hoe wordt isolatieglas aangebracht?

Houten kozijnen: Het oude glas wordt en de oude kitlaag worden verwijderd. Het kozijn wordt opgeschoond, en zo nodig verdiept voor een dikkere HR++ ruit. Kleine reparaties worden uitgevoerd, waarna het kozijn wordt gegrond. Dan wordt het isolatieglas geplaatst met nieuwe glaslatten en rondom afgekit.

Kunststof en aluminium kozijnen: Bij vervangen van isolatieglas in kunststof kozijnen is het van belang de rubbers, die dienen voor afdichting van de ruit, goed te controleren en zonodig te vervangen. Let op dat de dikte van het nieuwe glas juist is.

Welke materialen?

Het verschil tussen dubbelglas en hoogrendementsglas is nauwelijks zichtbaar. Beide soorten bestaan uit twee glasbladen met daartussen een spouw die hermetisch is afgesloten. Waar de spouw bij gewone dubbele beglazing gevuld is met droge lucht, is die bij hoogrendementsglas (HR++) gevuld met een edelgas, zoals argon. Edelgas isoleert warmte beter dan gewone lucht.

De beter isolerende beglazingen worden HR+ en HR++ genoemd. Bij deze HR-glassoorten is een coating in de vorm van een flinterdun metaallaagje op de spouwzijde van de binnenruit aangebracht voor betere thermische isolatie: de coating laat de zonnewarmte door naar binnen maar kaatst de warmtestraling die naar buiten gaat, terug.

Warme lucht stijgt en gaat naar de bovenste verdieping. Bij niet-geïsoleerde daken gaat deze warmte door het dak zelf en door naden en kieren verloren. Het isoleren van het dak zorgt ervoor dat de warmte in de winter binnen blijft en geentocht meer voorkomt bij de aansluitingen van het dak.

Hoe kan het dak worden geïsoleerd?

Afhankelijk van het type dak kan je kiezen voor verschillende manieren van isoleren:

Hellende daken worden vaak van binnenuit geïsoleerd. Hierbij wordt een isolatielaag van 10 tot 15 cm glaswol, minerale wol of harde isolatieplaten (PIR) van binnen tegen het dakbeschot aangebracht en vervolgens afgewerkt met een damp remmende laag en gipskartonplaten (al dan niet met stucwerk).

Mochten de dakpannen aan vervanging toe zijn, dan is het aan te raden om het dak aan de buitenkant te isoleren. Hierbij komt het dak wel iets hoger te liggen.

Platte daken kunnen het beste van buitenaf onder de dakbedekking met drukvaste hoogwaardige isolatieplaten geïsoleerd worden. Hiervoor is het nodig om ook de dakbedekking te vervangen. Het isoleren van bitumen daken van binnenuit kan tot grote bouwfysische problemen leiden (vochtproblemen en schimmelvorming) en wordt daarom afgeraden.

Mocht de dakbedekking in goede staat zijn, kan het dak ook volgens het omgekeerd dak principe geïsoleerd worden. Hierbij worden speciale isolatieplaten (xps isolatie) op de dakbedekking gelegd en verzwaard met een grindlaag tegen het opwaaien.

Voor wie is dakisolatie interessant?

Dakisolatie is met name interessant als de ruimtes op de zolderverdieping veel gebruikt worden, bijvoorbeeld als werkkamer of studeerkamer.

Kierdichting van bouwdelen

Een woning goed isoleren kan niet zonder het dichten van kieren. De meest bekende kieren zijn die bij deuren en ramen. Bij de aansluiting van kozijnen op muren, van muren op daken en van dakvlakken op elkaar, zitten ook naden die warmte lekken.

Hier komt kierdichting van deze bouwdelen aan bod.

Hoe worden kieren bij bouwdelen gedicht?

Het afdichten van aansluitingen van bouwdelen, die vaak uit verschillende materialen bestaan, gebeurt dan ook op diverse manieren. Dat kan door lijmen en schroeven, door tapen en kitten, door schuimband of door PUR schuimen. Een combinatie van middelen en een dubbele afdichting geeft de beste luchtdichting.

Welke materialen?

Rondom kozijnen

Bij kozijnen die al in de gevel zitten kun je aan de buitenzijde beter niets doen. Aan de binnenzijde kun je luchtdicht band op het kozijn en de muur plakken, na het weghalen van de aftimmerlatten. Op de muur plak je het dan ook nog in een kitrups. Het band dient daarna afgewerkt te worden met een stuclaag en een aftimmerlat. Als er grotere gaten zitten tussen kozijn en muur, vul die dan eerst op met PUR schuim.

Dakvoet, nok en topgevel

De aansluiting van het hellende dak op de gevel heet de dakvoet. Aan de binnenzijde op zolder kan de naad met butyltape met primer blijvend afgedicht worden. Soms kan het handig zijn eerst een houten regel, met daarop een schuimband geplakt, te bevestigen tegen het dak en/of de vloer en daar de luchtdichte tape op aan te brengen. Dit geldt ook voor de nok en de topgevel.

Aluminium tape

Bij dak doorvoeringen, denk aan ventilatie of rookgas afvoeren, kun je naden dichten met aluminium tape, de grotere naden ook dichten met PUR schuim. Bij de doorvoer van een afvoer van en kachel of haard altijd brandwerende materialen toepassen.

Kierdichting Ramen en Deuren

Ramen en deuren hebben kieren, omdat ze open moeten kunnen en weer dicht en op slot. Zonder al teveel rammelen. Het afdichten van die kieren gebeurt door zachte materialen die ingedrukt kunnen worden en slijtvast zijn. We kennen rubberachtige kunststof profielen en borstels. Beide zijn vaak gevat in een aluminium profiel voor de bevestiging.

Welke materialen?

Draaiende delen

We maken onderscheid in opbouw, inbouw en kaderprofielen. Opbouw profielen worden met het rubberen deel licht tegen een gesloten raam aangedrukt en op het kozijn bevestigd. Bij inbouw profielen is sprake van een verdekte tochtstrip, die alleen vervangen kan worden als het gehele raam eruit gehaald is.

Uitzondering zijn de V-strips van stevig verend kunststof, die in de sponning geplakt kunnen worden als er tenminste 2 mm speling is. Bij nieuwere kozijnen is vaak sprake van kaderprofielen, een geheel gesloten ring van ingefreesd rubber profiel.

Bovenstaande geldt ook voor deuren, daar komt alleen aan de onderzijde een tochtwering met slijtstrip op de onderdorpel als de deur naar buiten draait en een tochtborstel of flap als de deur naar binnen draait. Een valdorpel is een luxe variant die aan de onderzijde in de deur is gefreesd en valt en sluit pas af als de deur dicht gaat.

Schuivende delen

Bij schuivende deuren en ramen is een combinatie van borstels en rubberen profielen de beste oplossing.

Aluminium, kunststof en nieuwe houten kozijnen

In deze gevallen is er sprake van fabrieksmatig aangebrachte tochtwering, uitgevoerd in een enkele of zelfs dubbele rij in twee sponningen. Bij geïsoleerde kozijnen met triple glas is dat aan te raden.

Is kierdichting van bouwdelen interessant?

Voel met je handen of test met een vlammetje of het tocht bij de aansluitingen van bouwdelen. Zo ja, onderneem dan actie. Dat verhoogt het comfort en verlaagt stookkosten. De luchtdichtheid kan je laten testen met een blowerdoortest door een gecertificeerd bedrijf.

Wat is een koudebrug en hoe los ik die op?

Koudebruggen – tegenwoordig ook wel thermische brug genoemd – zijn zwakke schakels in de buitenschil van de woning (gevel, dak of vloer). Het verschijnsel komt voor op plaatsen waar thermische isolatie niet doorloopt of waar de vloerplaten niet op elkaar aansluiten.

Een koudebrug zorgt niet alleen voor warmteverlies, maar de warme lucht in huis koelt ook af in contact met deze koude oppervlakken. Dit leidt tot condensatie met geurhinder en schimmel als gevolg.

Soorten koudebruggen

Koudebruggen kunnen zich overal in huis voordoen. Al zijn bepaalde plaatsen gevoeliger voor het probleem.

  • De meeste koudebruggen komen voor bij onderbrekingen van de isolatie. Als isolatiedelen niet goed op elkaar aansluiten kan er een slechte isolator door de isolatie heen prikken, bijvoorbeeld mortelresten of gestorte balken boven een raam.
  • Plaatsen waar geen isolatie zit, vormen ook een koudebrug. Bij oudere woningen zie je deze fout vaak rond draagbalken onder balkons. Ook bij vloeren kan het mis gaan. Zo mag een buitenmuur niet rechtstreeks op de fundering of op een vloerplaat rusten of die onmiddellijk raken.
  • Verouderd buitentimmerwerk (alle niet-dragende houten materialen) is een minder bekende koudebrug. Deze oude profielen bevatten nog geen thermische onderbreking, waardoor de kou vrij spel heeft. Koudebruggen kunnen zich overal in een muur manifesteren. 

Ook in de zomer een probleem…

In de zomer is het omgekeerd, dan kan er namelijk warme lucht langs de ‘koudebruggen’ binnenkomen. Tijdens warme dagen wil iedereen het binnen zo koel mogelijk houden. Als warme lucht kan binnendringen dan zal de temperatuur in de woning snel stijgen.

Hoe koudebruggen opsporen?

Veel koudebruggen ziet men niet met het blote oog. Een snelle truc met de hand kan uitsluitsel bieden.

Wrijf over een plaats (muur, plafond of vloer) waar je een koudebrug vermoedt. Voel je daarbij ergens een opvallend temperatuurverschil, dan is dat al een sterke aanwijzing voor een koudebrug. Vochtplekken of condensvorming duiden soms ook op koudebruggen.

Koudebruggen verhelpen

Een bestaande koudebrug verhelpen is niet altijd vanzelfsprekend. Het vervangen van enkelvoudige beglazing of verouderd schrijnwerk is nog vrij eenvoudig.

Anders is het wanneer isolatie in de spouw ontbreekt of slecht geplaatst is of wanneer de binnenmuur de buitenmuur raakt. In sommige gevallen kan de oplossing gewoon zijn om isolatie rond de koudebrug aan te brengen. Maar er zijn ook gevallen waar de volledige gevel met een isolatielaag moet bedekt worden.

Koudebruggen aan de muuraanzet of fundering wegwerken is een haast onmogelijke klus. Bovendien wegen de kosten voor deze werken vaak niet op tegen de investeringskosten van de woning.

Met het isoleren van de woning neemt de ventilatie af. Voor een gezonde woning is het
belangrijk om goed te ventileren. Hierdoor verlies je echter vaak veel warmte uit de woning.
Een decentrale ventilatie unit met warmteterugwinning (WTW systeem) biedt de oplossing.
Het systeem zorgt voor constante aanvoer van frisse lucht met besparing van warmte
gedurende het het hele jaar.

Waarom ventileren?

We vervuilen de binnenlucht van ons huis op vele manieren, hierdoor is de lucht in huis meestal viezer dan de buitenlucht! 

Goed ventileren is noodzakelijk voor een gezond en prettig binnenklimaat. Het helpt ook om de overdracht van luchtweginfecties, zoals COVID-19, te beperken. Ventileren is het 24 uur per dag verversen van de binnenlucht met verse buitenlucht. De verse buitenlucht vervangt steeds een deel van de lucht in huis die vervuild is door bijvoorbeeld fijnstof en vocht.

Soorten ventilatie

Natuurlijke ventilatie: genoeg of niet?

Natuurlijke ventilatie (systeem A) 

In de meeste huizen vindt ventilatie plaats op een natuurlijke manier. De gezonde schone buitenlucht komt via naden en kieren, roosters, uitzetramen en draaiende delen de woning binnen.

Mechanische ventilatie (systeem B)

Vanaf de jaren ’80 werd dit ventilatiesysteem geïntroduceerd op de Nederlandse markt. De afvoer van de vervuilde binnenlucht wordt verzorgd op een mechanische wijze, met een centrale ventilator. Frisse lucht komt, net zoals bij systeem A, via naden- en kieren, roosters, uitzetramen en draaiende delen de woning binnen. Vaak staat op zolder een mechanische ventilatiebox (MV-box) die met een kanalenstelsel is verbonden met de badkamer, keuken en het toilet. De ventilator staat continu (24 uur per dag) aan, maar is vaak wel met een schakelaar op een hoger afzuigniveau te zetten.Renovatie met C+ ventilatiesysteem van Renson - YouTube

Balansventilatie (systeem C) 

Bij een balansventilatiesysteem wordt zowel de afvoer als de aanvoer mechanisch geregeld met ventilatoren. De aan- en afvoer van ventilatielucht verloopt via een kanalenstelsel met aan- en afzuigventielen in de verschillende vertrekken. Omdat er evenveel lucht wordt aan- als afgevoerd noemt men dit een balansventilatiesysteem. Dit systeem wordt vanwege het uitgebreide kanalenstelsel met name toegepast in nieuwbouwwoningen. In bestaande bouw is dit zonder grootschalige renovatie (en verlaagde plafonds) niet toe te passen.Ventilatie | Waarop letten als je een ventilatiesysteem koopt? | Bouwinfo

Decentrale WTW ventilatie voor woonkamer (volgens systeem D)

Decentrale ventilatie met WTW werkt volgens ventilatie type D. Daarbij verloopt zowel de aan- als afvoer van ventilatielucht volledig mechanisch. Die aan- en afvoer van lucht gebeurt via dezelfde decentrale WTW-unit. Er is per ruimte die je wil ventileren dus maar 1 doorvoer in de muur naar buiten nodig.Afbeelding met binnen, zitten, tafel, computer Automatisch gegenereerde beschrijving

De WTW unit wordt aangestuurd door een CO2 sensor en zal de ruimte automatisch van gezonde lucht voorzien.

Het systeem bevat ook een warmtewisselaar. Deze haalt de warmte uit de afgevoerde lucht en gebruikt het voor het verwarmen van de toevoerlucht met een gemiddeld rendement van 90%. De koude buitenlucht wordt zo voorverwarmd alvorens het de woning wordt ingeblazen. Dat zorgt niet alleen voor meer warmtecomfort in huis, je bespaart er ook heel wat energie mee. 

Afbeelding met tekst Automatisch gegenereerde beschrijving

Sommige modellen winnen niet enkel warmte terug uit de lucht, maar ook vocht. Zo vermijd je condens.

De meeste decentrale ventilatiesystemen met warmteterugwinning hebben een capaciteit om ongeveer 70 m³ per uur te verversen, dit maakt het erg  geschikt om afzonderlijke ruimtes zoals de woonkamer of slaapkamer te ventileren.

Voordelen 

  • Hoog warmtecomfort: de ventilatielucht wordt voorverwarmd alvorens het in de woning terecht komt.

  • Energiebesparing: het systeem van warmteterugwinning zorgt voor een lager energieverbruik.

  • Gezond binnenklimaat: het ventilatiesysteem voert vochtige en verontreinigde lucht af en vervangt het door gezonde, frisse lucht.

  • Makkelijk installatie: bij decentrale ventilatie is er geen netwerk van ventilatiekanalen in de muren, vloer of het plafond nodig. De plaatsing kan daardoor eenvoudig en zonder veel breekwerk verlopen, wat het erg geschikt maakt voor bestaande woningen.

  • Geen geluidshinder: door de afwezigheid van ventilatiekanalen is er geen hoge luchtdruk en bijgevolg ook weinig of geen geluidshinder.

Kosten en types

In de tabel staan 4 verschillende voorbeelden van een decentraal WTW-systeem.

Het basismodel kan alleen aan/uit schakelen in 3 of 4 standen of is alleen vocht gestuurd.

Er zijn ook systemen die automatisch (vraag gestuurd) door een CO2 sensor worden aangestuurd.

Als laatste kan een bestaande radiator worden vervangen door een Climarad systeem. Dit is een combinatie van een verwarming radiator en een WTW-installatie. Dit systeem wordt automatisch gestuurd door een vocht- en  CO2 sensor.

Voor alle systemen is het noodzakelijk om 1 gat (of soms 2 gaten) te maken door de buitenmuur. Dit muurvlak dient aan de binnen- en buitenzijde vrij te zijn van afdekking door materiaal (binnen bv door gordijnen, buiten door andere obstakels).

Genoemde prijzen zijn indicaties voor het systeem, de installatie en klein materiaal. De prijs is afhankelijk van de werkelijke situatie. 

Uitvoering

Merk

Type

m3/uur

Geluid

Prijs ex btw

Basismodel aan/uit

Suedwind

Ambientika

60

36

1000 euro

Basismodel vocht gestuurd

Soler&Palau

Respiro 150 RD

60

23

800 euro

Compleet CO2 gestuurd

Brinck

Air 70 plus

70

40

1950 euro

Combi WTW en radiator geregeld

Climarad

2.0 en 55x210cm

125

45

2500 euro